(Parelkwal. Foto: internet)
Het zijdezachte water van de Egeïsche zee tegen je huid voelen. Je wentelen in het zoute water dat je draagt te midden van zijn golven. Zwemmen, je spieren inspannen, ontspannen, drijven: het is een van de heerlijkste dingen van de zomer.
Geen wonder dat vissen en andere zeebewoners onder water zo’n vrolijke uitstraling hebben. Zo hebben dolfijnen een ondeugende grijns op hun lippen. Ik heb ze al verschillende keren ontmoet in het water, wat telkens een glimlach op mijn gezicht toverde. Gelukkig heb ik nog nooit een nors kijkende haai vlakbij door de golven zien schieten. Voor eeuwig getraumatiseerd door de film Jaws ga ik nooit ver de zee in. Ook al was het midden jaren ’60 voor de laatste keer, dat in Griekenland (in de Golf van Volos, Thessalië) een zwemmer een fatale confrontatie had met een witte haai. Er worden best weer wat haaien waargenomen, zoals de witte haai, maar dat komt omdat zoveel mensen tegenwoordig foto-trigger-gevaarlijk zijn geworden, alsof er op aarde niets kan gebeuren zonder dat iemand dat met een telefoon vastlegt. Het aantal haaien schijnt zelfs af te nemen in de Egeïsche zee
Ik ben niet helemaal eerlijk: ik heb een aantal keren een haai gezien. Die lag op mijn bord: galeos is een kleine haaiensoort en staat regelmatig op een Grieks menu. Erg lekker! Ik vraag me af of deze haai ook óók wordt bedreigd door de helse jager, die vele Griekse wateren tegenwoordig onveilig maakt. Als zwemmer hoef je je geen zorgen te maken om de Lagocephalus sceleratus, een lid van de kogelvisfamilie. Een van zijn Engelse namen is harehead, oftwel hazenkop, wat ik wel een mooie naam vind, ook al verdient hij het niet. Want je moet niet op het idee komen om de vis te willen aaien. Hij ziet er aandoenlijk lelijk uit, heeft een gezellig gespikkelde huid en grote smekende ogen, maar is levensgevaarlijk! De hazenkop is zwaar giftig om op te eten en zelfs om hem aan te raken brengt risico’s met zich mee.
Dit lieverdje hoort thuis in de Indische en Stille Oceanen, maar besloot zo’n tien jaar geleden om te emigreren. Via het Suezkanaal drong hij de Middellandse Zee binnen, bijt gaten in vissersnetten en vreet de vangst op van vissers aan meerdere kusten van Zuid-Europa. Dankzij zijn giftige vlees heeft hij weinig vijanden en wordt hij steeds vaker gespot. Nu bedreigt de hazenkop ook Lesvos. Stel je toch eens voor, dat ze alle sardientjes gaan oppeuzelen in de Golf van Kalloni! Lesvos heeft al genoeg te stellen met het mond-en-klauwzeer en dan duikt er nu ook nog eens de hazenkop op om het ecosysteem rond het eiland naar de mallemoer te helpen.
Ze zijn zo gemeen als kankercellen, maar die lijken hoogstens in hun gedrag op zo’n hazenkop. Eigenlijk lijken kankercellen op octopussen die met hun acht benen over de zeebodem rondstruinen. Maar dat is te veel eer voor die rotziekte. Octopussen zijn goedaardige dieren die je hoogstens wat angst aanjagen, wanneer ze onverwachts hun tentakels rond je benen slaan. Ze voorspellen voetbalwedstrijden, hebben een enorm goed geheugen en zijn creatief in het vinden van behuizingen.
De kankercellen die mijn lichaam zijn binnengedrongen, kun je beter vergelijken met kwallen en hun rondzwierende tentakels. Daarvan moet je ook uit de buurt blijven: sommige van die slierten kunnen brandende tikken uitdelen.
Ook kwallen prijzen zich gelukkig met de opwarming van de zee, en overbevissing maakt dat hun natuurlijke vijanden steeds vaker in hebberige vissersnetten verdwijnen. Ze zwalken in steeds grotere scholen door de Griekse wateren, vooral bij het vasteland. Toch kan ik me herinneren dat er in de vroege jaren ‘80 rond Samos ook heel wat ronddobberden. Waren ze aan de ene kant van het eiland, dan ging je aan de andere kant van het eiland zwemmen. Alsof het het eiland van Medusa was: je moest altijd op je hoede zijn. Maar dat zou een goed kwallenjaar kunnen zijn geweest, want niet elk jaar hoeven er kwallenexplosies plaats te vinden.
Dit jaar is Evia de klos. Er zijn daar meerdere gemeentes die zwemwater gaan beveiligen met netten om bijvoorbeeld de parelkwal (Pelagia noctiluca) tegen te houden, opdat baders zonder zorgen hun baantjes kunnen trekken. Hopelijk zijn die netten ook bestand tegen roofzuchtige hazenkoppen. Voordat je het weet gaan die samenspannen met kwallen om verboden gebied binnen dringen.
Ik heb me op Lesvos altijd veilig gevoeld in zee. Ik heb zelfs misschien meer dolfijnen dan kwallen gezien. Zweven door het blauwe water, de zachtheid die je huid koestert, je gewichtloos voelen en je als een dolfijn wentelen in de golven. Hoe graag ik ook altijd zwom, tegenwoordig voel ik in de borst een hevig protest wanneer ik te water ga. Alsof al die op zeewezens lijkende kankercellen bang zijn om in de grote zee te worden gedumpt. Als dat toch eens mogelijk zou kunnen zijn…










