(Diner in Avlaki)
Het leven op Lesvos draait om eten: olijven oogsten, pekelen of er olie van persen, vijgen plukken en drogen, het verzamelen van groenten, fruit uit de bomen halen, jam of andere zoetigheid fabriceren en wijn maken. Zelf ingemaakte kappertjes of olijven, gedroogde vijgen, walnoten en sinaasappels: ze verschijnen het hele jaar door in diverse gerechten. Lesvos is qua voedsel een rijk eiland, ook al dreigt de gewoonte om eten in de natuur te verzamelen het af te leggen tegen de macht van de supermarkten. Met de komst van het toerisme laten ook steeds meer inwoners hun veldjes in de steek, omdat in die branche makkelijker geld valt te verdienen.
Dat is echter niet de reden dat in de winter steeds meer restaurantjes zijn gesloten. Vooral op Lesvos moet je weten welke gelegenheden dan nog eten serveren. Daar zijn de euro de schuld van en de Griekse economische crisis, die de prijzen dusdanig opstuwden dat veel Griekse families zich nu geen restaurantbezoeken meer kunnen permitteren, zeker niet met de voltallig familie, van grootouders tot en met de nieuwste telgen. Nog zo’n 20 jaar geleden was het heel gewoon om een luidruchtig, vrolijk gezelschap aan te treffen aan lange tafels, volgepropt met schalen eten en flessen water, ouzo en wijn. Eten, zingen, dansen, het was regelmatig een uitbundig zootje, winter en zomer. Een volledige cultuur naar de bliksem geholpen.
Ik hou van uiteten gaan in gezelschap en ik weet waar ik kan smullen, ook in de winter. Meestal gecombineerd met wandelingen kom je bijvoorbeeld terecht op het pleintje in Erèsos bij Kostas (taverna MeZen), waar je al genietend van een lunch het onderhoudende dorpsverkeer langs ziet trekken. Met een beetje geluk kun je je in de winterzon koesteren op het terras van kafenion Lenas, in het uitgestorven, maar charmante dorpje Pteroenda, waar smakelijke potjes dronken varken en de fameuze worstenschotel spetsofai worden geserveerd. Ook Platanos in Jeni Limani is meestal open in de winter, waar je bergen patat en heerlijke vis kunt krijgen, net zoals bij Meltemi in Skamnioedi, die daar overheerlijke kikkererwten en andere groenten bij serveert. Panayotti in Avlaki is altijd open, ook al moet je soms wachten op de kok; een snorrend kacheltje of een vrolijke winterzon dragen bij aan de lekkere gerechten en de fraaie uitzichten op zee, het Konijneneiland en Molyvos.
De zomer wil aantreden, maar koning winter blijft maar met wolken, buien en temperatuurdalingen jongleren. Tegelijk met de komst van de eerste toeristen zijn nu ook de meeste restaurants open, wat voor mij betekent dat ik nog meer kan smullen. Maar uitgerekend nu is er in mijn longen een offensief gestart tegen mijn (slok)darm. Zo stel ik het me tenminste voor, want ik moet een stuk minder eten, wil ik de boel binnenhouden.
De eerste sardelles pastès bij het zo sfeervolle visrestaurant van Janoella op het strand van Kayia: ik had er een heel bord van op willen peuzelen en kon me moeilijk inhouden. Het werden er meer dan drie en van het andere eten kon ik ook al niet afblijven. Voedsel voor de tumor en kotsmisselijk ging ik naar huis.
Er kan eindelijk weer gegeten worden in het lieftallige Eftaloe, waar To Votsalo zijn deuren heeft geopend in het vroegere domein van Manolis. Ik had het liefst alles willen uitproberen, maar een simpel hoestje is een waarschuwing van wat er kan komen en dan ik neem dan maar weer gelaten een slokje ouzo. De tumoren lijken immuun voor ouzo en ik kan nog steeds drinken wat ik wil.
Ik durf al geen super hamburger bij Misirlou in Molyvos meer te bestellen en zal ook de tafel bij de Caravan in Petra redelijk leeg moeten laten. En teleurgesteld moest ik toekijken hoe mijn disgenoten een originele courgettesalade soldaat maakten aan de mooie golf van Jèra.
Het is beslist een tantaluskwelling om bij Limanaki in Molyvos’ haven de tafel gevuld te zien worden met de smakelijkste gerechten waarvan je alleen maar kunt proeven, wil je het tumorenoffensief niet te veel vooruit helpen. Net zoals in Sigri waar bij Cavo Doro de heerlijkste sinaasappelsalade van het eiland wordt geserveerd, of kruidige mosselen. Wanneer chefkok Vivi er is met haar eigenzinnige sushi, zal ik nog verder in de problemen komen: op één sushi kan ik echt niet leven.
Maar ik wil niet klagen en laat me niet zo snel door die tumoren verslaan. Ik kan nog eten, proeven, smullen, terwijl de ouzo blijft vloeien. Net zo belangrijk als het eten is het gezelschap waarmee ik het eten deel en de plek waar de schranspartijen plaatsvinden. Op rustige dorpspleintjes, in haventjes of op een strand aan de blauwe voortkabbelende zee. Het leven is nog steeds verrukkelijk.










