Winterrivieren

(Diavolorevma, foto: Eleonora Pouwels)

Het regent en het regent, en de zomertoeristen kunnen zich amper voorstellen dat de gortdroge rivierbeddingen nu in recordtijd zijn gevuld met water en zich gedragen als echte rivieren: met stromend water. Én met al hun streken. Het soms woeste water scheurt regelmatig stukken wal af en ontwortelt bomen langs de oevers die het met veel bombarie meevoert naar zee. Of de beddingen moeten hardhandig worden wakker geschud. Toen na de afgelopen lange, droge zomer midden november eindelijk een fors, hemels waterballet losbarstte, raakten de beddingen van de rivier Tsiknias en van andere waterwegen van schrik zó overstuur dat ze het water rijkelijk over het land lieten lopen, met als gevolg dat hele delen van Kalloni en Skala Kalloni onder water kwamen te staan.

Het regent en het regent, zo hebben de weergoden voor deze winter besloten. Je hebt het idee dat het water continu uit de wolken klettert en dat de zon voor een maandenlange vakantie is vertrokken naar Verweggistan.

In Nederland vielen er eerder tranen dan regen tijdens de onderzoeken naar die vermaledijde kanker van mij, ook al mocht ik er tussendoor genieten van sneeuw en zelfs even het gekras van schaatsen over ijs horen. Er kwam heel wat jeugdsentiment bovendrijven, wat logisch is wanneer je in deze fase van je leven bent beland. Maar ik kan ook nog vooruitkijken en verlangde naar de lente die op Lesvos altijd te vroeg begint met zijn anemonen en amandelbloesems. Het was dus even slikken toen ik na ruim twee maanden terugkwam op een verzopen eiland.

Het regent en het regent, en de de rivieren stromen rijkelijk. Niet alleen de grote rivieren zoals de vogelrijke Tsiknias die uitkomt in de Golf bij Skala Kalloni, maar ook de Evergetoelas, rijk aan exotische platanen, die door het hart van Lesvos zonder omwegen naar de Golf van Jèra kabbelt. Of de Tapsas rivier, met zijn fraaie rietoevers, die de zee bij Faneromeni (Sigri) instroomt. En de Sedoendas rivier, met zijn grillige bedding, die zich vanuit de bergen geduldig omlaag laat vallen op weg naar Plomari. Dat zijn er maar enkele. Zeker in de winter springen er tal van kleinere rivieren in actie op het eiland, waarvan sommige brutaal over wegen stromen, en andere tevoorschijn komen op plekken waar je nog nooit een druppel water hebt gezien.

Het regent en het regent, en de watervallen vieren feest. Zelfs nog in de zomer kunnen sommige watervallen je betoveren met hun klaterend vocht, zoals de Vathilimno bij Pteroenda, die vorig jaar mateloos populair was onder toeristen. Nu – met al dat hemelvocht – kun je in de bergen je kont niet keren zonder ergens een klaterend geluid te horen: het zoveelste adembenemende plaatje van water dat zich over rotsen naar beneden stort.

Het regent en het regent, en het leven gaat door. In dorpen storten oeroude muurtjes in, velden en wegen lopen onder water, en rotsblokken tuimelen de weg op. Zelfs de Kremasti brug, die al minstens vier eeuwen met zijn ronde boog de Kakara overspant, een kleine stroom die in de Tsiknias rivier uitmondt, bleek niet tegen een kleine watervloed bestand en raakte in november beschadigd. En de al twee jaar geleden half ingestorte weg in Eftaloe is nu deels in zee verdwenen. Maar Kalloni heeft zijn les geleerd en houdt dapper stand tegen het water, ook al lopen er af en toe toch weer wegen en velden onder. Niet alles is bestand tegen de grote hoeveelheden water die de regengoden deze winter over het eiland kieperen.

Het regent en het regent, en ook ik houd dapper stand tegen de vloed aan kankercellen, die inmiddels met wat bestralingen even zijn ingedamd. De meeste plekken op het eiland hebben hun natuurlijke afwateringssysteem weer gevonden, na zoveel jaren waarin de winters Saharaanse trekjes begonnen te vertonen. Maar ook vroeger gebeurde het wel dat een teveel aan water niet tegen te houden was. Alles is mogelijk. Ook in mijn lichaam. Geen idee wanneer er een nieuw offensief wordt geopend op mijn longen. Maar voorlopig kan ik nog even genieten van dat heerlijk groene en kletsnatte eiland waar nu weer talloze rivieren stromen alsof ze Venetië naar de kroon willen steken. Winterrivieren, zullen we ze maar noemen. Wat een heerlijkheid!