Kutkanker

(Golf van Kalloni)

Lesvos is een walhalla voor smulpapen van de Griekse keuken. De meeste restaurants werken met verse ingrediënten die per seizoen verschillen. In de herfst kun je bijvoorbeeld wilde paddestoelen op het menu aantreffen, in de winter zijn er schelpdieren zoals oesters en venusschelpen te vinden, terwijl het sardientje juist een zomertraktatie is. 

Ik werd echter allereerst aangetrokken door het charmante, rustige Griekse leven en de schitterende natuur van Lesvos, zo’n twintig jaar geleden nog een relatief onbekend eiland, terwijl het met zijn reusachtige oppervlakte qua omvang toch het derde eiland van Griekenland is.

Vroeger was uiteten gaan een belangrijk deel van de Griekse cultuur. De restaurants vulden zich dagelijks met drie generaties Grieken, of soms wel vier, van kleine krijsende kinderen tot  kromgetrokken oudjes: ze krioelden rondom lange tafels die werden volgezet met heerlijk geurende schalen groenten, vlees en vis en met legers van flessen ouzo en retsina. Wanneer alcohol en smartelijke Griekse liedjes de sfeer opzweepten, gingen de benen van de vloer, danste men met flessen op het hoofd of hurkte met acrobatische toeren op de grond, en werden gelukzalige gevoelens omgezet in Grieks dansen: taferelen die ooit heel gewoon waren, maar sinds de Griekse crisis een zeldzaamheid geworden zijn.

Het mediterrane dieet wordt als supergezond beschouwd, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Albert Heijn eetcultuur in Nederland. Op het eiland vliegen de vissen zo uit zee op je bord, kruipen de groenten vanaf het veld direct de keukens in en zwaaien fruitbomen uitnodigend met een keur aan vruchten. Ondanks deze gezonde keuken is ook in Griekenland kanker doodsoorzaak nummer één. Misschien is dat te wijten aan het feit dat Grieken – zeker vroeger – altijd uitblonken in tegelijkertijd eten, drinken en roken. De lange tafels werden gehuld in wolken sigarettenuitstoot en het aantal flessen versloeg naarmate de avond vorderde de schotels met gezond eten. Op Lesvos wordt bovendien nog steeds gefluisterd dat een mogelijke oorzaak van kanker de wolken vol Tsjernobyl adem waren, die na de nucleaire ramp in 1986 boven Lesvos bleven hangen.

Een van mijn favoriete filmscènes komt uit de Griekse film Never on Sunday, waarin Melina Merkouri als flirterige dame op haar meisjesbed zit, een dampende sigaret in de mond, terwijl ze op haar kleine pick-up een singeltje opzet en vervolgens het fameuze lied The Children of Piraeus (Ta pedia tou Pirea) zingt. Ja, ik heb gedronken en gerookt als een echte Griekse en zou het liefst – net als Melina – met een sigaret en ouzootje op mijn bed gaan zitten zwijmelen, onderwijl naar Griekse muziek luisterend.

Maar helaas ben ik nu in Nederland, waar de Griekse romantiek ver te zoeken is, net zoals de blauwe zee en blauwe luchten. Het mediterrane dieet heeft ook mij niet kunnen behoeden voor de welbekende sluipmoordenaar. De kutkanker heeft bezit genomen van mijn longen, die niet genoeg weerstand meer hebben om duivelse tumoren te weren of te verslaan. En dat ondanks mijn schietgebedjes tot de heilige Georgios, die in het kerkje zetelt vlakbij waar ik woon en me vier jaar geleden van het roken afhielp door me een buikaneurysma te bezorgen. Terwijl uitstekende dokters me vier jaar geleden het leven redden in Athene, kon ik deze keer kiezen tussen onderzoeken in Athene of Nederland. Ik koos voor het laatste. 

Tussen de scans, prikken en puncties door zit ik te kniezen en groeit mijn heimwee naar het eiland met de dag. Ik hoop weer snel Lesvoriaanse grond onder de voeten te krijgen en het gevecht met de kankerdemonen daar aan te gaan, zolang ik maar de olijven kan ruiken, de zee kan zien, kletspraatjes met mijn katten kan houden, de Lepetimnos een knipoog kan geven, de heilige Georgios een goedemorgen kan wensen en samen met vrienden van een Griekse maaltijd kan genieten. Nee, zonder sigaret, maar wel met een ouzootje of een retsina.